• Aart de Vink met de fiets van zijn oudste zoon Bart-Jan, die er de wedstrijd in Frankrijk mee won

    Truus Oudendijk

Kettinggesprek 'Ik fiets voor mijn plezier'

Truus Oudendijk

Aart de Vink is fietsenmaker in Aalsmeer Oost. Het plein achter zijn woning, een voormalig stationsgebouw, staat altijd vol met fietsen. De een komt, de ander gaat. Met liefde vertelt hij over zijn vak. Waar komt die passie vandaan?

Ik was altijd al geinteresseerd in de techniek

Aart de Vink: 'In mijn jeugd heb ik veel geschaatst en gefietst, want dat is een goede combinatie. En speciaal voor fietsen had ik een passie omdat het wat makkelijker te doen was dan schaatsen. Bovendien kon ik in competitieverband aardig meekomen. Maar ik heb zowel een ongeluk gehad met de auto als met de fiets en daardoor raakte het sporten wat op de achtergrond. Nella en ik hebben samen dit huis gekocht en daar is ook heel veel energie in gestoken, waardoor er weinig tijd voor iets anders dan verbouwen overbleef. Toen dat klaar was ben ik pas weer gaan sporten, maar er zat wel een gat van zo'n 15 jaar tussen. Vanaf mijn 45e tot mijn 51e heb ik gewielrend, maar toen werd Nella ziek. Inmiddels hadden we twee kleine jongens en dan zijn er andere prioriteiten in het gezin. We zijn samen tien jaar heel intensief bezig geweest met onze twee jongens die heel goed mee konden komen in de wielersport. Helaas doen ze er nu niets meer aan en dat vind ik erg jammer. Ik had hier een tweezijdige werkplaats. De ene kant het onderhoud en de reparatie van de fietsen van onze zoons, aan de andere kant de fietsen van de klanten.'

Je passie voor wielrennen is een ding, maar niet iedere wielrenner heeft een rijwielzaak. Waarom heb je daar voor gekozen? 'Ik ben jaren chauffeur geweest in de transportwereld, maar omdat de techniek mij erg interesseerde ben ik de opleiding metaalbewerking gaan volgen. Met name de technische achtergrond van fietsen en de ontwikkeling daarin bij racefietsen hadden mijn belangstelling. Dat gaat de laatste jaren heel snel, fietsen worden tegenwoordig van carbon gemaakt, een materiaal dat tien keer sterker is dan staal en veel lichter. Ook de hydraulische schijfremmen en de elektrische schakeling zijn nu voor de consument beschikbaar en niet alleen maar bestemd voor de professionals.'

Je vertelde net dat je ook fietsen van frame af aan opbouwt. Komt dat veel voor? 'Dat wordt steeds minder. Op de markt is zoveel te vinden aan complete fietsen in alle soorten en maten. Je kunt heel makkelijk een passende fiets op internet uitzoeken en bestellen. De fietsenmaker wordt in dat opzicht steeds meer omzeild, want er zijn veel bedrijven die direct aan de consument leveren.'

Fiets je zelf ook nog? 'Ja, op zondag fiets ik met een groepje oudere mannen een rondje en af en toe nog wel eens een tourritje. Ik ben jaren lid geweest van WV Amsterdam en fietste bij de veteranenclub. Toen de jongens gingen wielrennen zijn we lid geworden van WTC de Amstel. Daar trainden we een paar keer week en werden er ook wedstrijden georganiseerd. Nu fiets ik alleen nog maar voor mijn plezier.'

Waarom ooit de keuze gemaakt om dit bijzondere huis te kopen? 'De gemeente had het te koop gezet en je kon er een bod op doen. Dat was in 1988. We waren inmiddels bijna dertig en vonden het tijd worden om iets te gaan doen op huizengebied. We hebben het gekocht en de zeven jaar daarop zijn we alleen maar bezig geweest met de verbouwing, want er waren de nodige verborgen gebreken. We troffen een metselaar, stukadoor annex tegelzetter en die heeft ons ontzettend geholpen. In 1995 was het woonhuis klaar en zijn we er officieel gaan wonen. Vervolgens zijn we begonnen met de aanbouw waar nu de werkplaats en de fietsenwinkel in gevestigd is.'

Op dat moment ben je zelf een fietsenzaak begonnen?'In de jaren '94 en '95 ben ik bij Kaas Groot terechtgekomen als klant. Hij was altijd bij de schaatsvereniging betrokken en repareerde veel fietsen voor de schaatsjeugd. Ik werkte inmiddels als metaalbewerker en ben daarnaast op vrijwillige basis ook bij hem aan de slag gegaan. Ik ving de klanten op als Klaas op lange fietsvakanties ging. Toen het pand waarin hij gevestigd was werd verkocht, was de werkplaats hier ook klaar en zijn we de zaak vanaf hier begonnen. Een paar jaar later heb ik het overgenomen. Klaas is inmiddels ver in de zeventig, maar komt mij nog een paar keer per week assisteren bij de reparaties van de fietsen.'

Wat maakt dit vak leuk? 'De techniek en de omgang met mensen. De verhalen die ik af en toe te horen krijg. Mensen informeren me soms tot in de detail wat er aan de fiets mankeert. Daar kan ik technisch gezien weinig mee. Houd de hoorn maar even bij de fiets, zeg dan. Dan kan hij het zelf vertellen'.

Wie nodig je uit voor het volgende gesprek? 'Mijn overbuurman Peter Kraan. Zijn winkel heeft net een grote verbouwing achter de rug. Hoe durft hij dat aan in tijden waarin je alles op internet kunt kopen.'